Productinformatie "CHRYSOcontrol 10.000/emmer 5 liter AB2"
Chrysoperla carnea, beter bekend als gaasvlieg, is een predator die van natura in Nederland voorkomt. De larven van de gaasvlieg zijn erg vraatzuchtig en daardoor een goede bestrijder van bladluis. Het lichaam van de gaasvlieg is dun en langwerpig en de kleur is groen tot geelgroen. De gaasvlieg lijkt enigszins op een mug, maar de vleugels zijn veel groter, ronder en duidelijk fijn geaderd.
Voortplanting en levenscyclus
De eitjes worden afgezet tussen bladluizenkolonies en staan op lange steeltjes; dit dient om mieren op afstand te houden, die graag de honingdauw van de luizen opzuigen en de luizen beschermen. De larve is plat en rupsachtig, heeft een bruine onregelmatige kleur, drie paar kleine pootjes en lange tang-achtige kaken. Sommige soorten gaasvliegenlarven camoufleren zich met stukjes plant of dode luizen om zo aan de aandacht van mieren te ontsnappen. Als de larve na enige tijd verpopt wordt een spinsel gemaakt tussen de vegetatie. Er komen twee generaties per jaar en in de winter overwintert Chrysoperla carnea vaak in huizen. Tijdens deze rustperiode kleurt de gaasvlieg bruin, maar in de lente wordt de kleur weer groen.
Larvestadia en vraat
- De gaasvlieg ondergaat drie larvestadia; het derde stadium is het belangrijkste en neemt ongeveer 80% van alle voeding voor zijn rekening.
- Een larve kan zo’n 50 bladluizen per dag verorberen.
- Andere prooien kunnen zijn:
- trips
- spint
- kleine rupsen
- witte vlieg
- wolluis
Volwassenen en inzetbaarheid
De volwassen gaasvlieg is geen predator, maar leeft van honingdauw, pollen en nectar. Het is onwaarschijnlijk dat men een populatie opbouwt met de gaasvliegen, omdat deze vaak de kas verlaten wanneer ze uit de poppen verschijnen. De Chrysoperla carnea zijn nauwelijks afhankelijk van temperatuur en luchtvochtigheid, waardoor ze breed inzetbaar zijn.